halfbloed
op z'n eerste jaar is hij van zijn familie weggehaald. Hij herinnert
zich daar niets meer van. Van z'n vierde tot z'n zevende zat hij op de
school van het Telegraafstation. Daarna werd hij opgevoed door missionarissen
elders in het land. Op z'n vijftiende besloot hij bokser te worden. Hij
kwam in een paar internationale wedstrijden uit. Na zijn carrière
als bokser werkte hij als elektricien in Sydney, daarna in de toeristenindustrie
en eind 2000 als gids bij het Telegraafstation. Hij heeft twee of drie
zoons, zegt hij, die hij niet vaak meer ziet.
Door de opvoeding die hij heeft gehad heeft hij weinig van de aboriginalcultuur
meegekregen. Vindt hij dat niet jammer?
'De aboriginal cultuur is niet zo fraai als sommigen zich dat voorstellen.
Aboriginals zijn erg lui, ze leven bij de dag. En ze kunnen ook erg wreed
zijn.'
'Het is toch een artistiek volk met veel kennis van de natuur,' zeg ik.
'Dat is zo, maar er zijn maar weinig aboriginals die kunst maken. De meesten
krijgen een uitkering. Ze vinden dat ze daar recht op hebben en ze zijn
niet bereid daarvoor te werken.'
'Is er dan werk voor ze?'
'Genoeg, je kunt zoveel doen. Ik heb aboriginals gezien die meer talent
hadden dan ik, maar het ontbrak ze aan de discipline om te trainen. De
trend is nu om aboriginals hun eigen gang te laten gaan. De cultuur is
kapot en er is geen rem meer op agressief gedrag. Sommige westerlingen
hebben graag een romantisch beeld van de aboriginalcultuur. Dat heeft
meer te maken met wat ze zelf missen dan wat er werkelijk over is van
die cultuur. Ik heb een halfbroer die is gaan studeren. De rest is aan
de drank.'
|