Welcome      
startpagina aan de andere kant

 

mellow

 

Aan de overkant van de weg staat het grootste gokpaleis van het zuidelijk halfrond, het Crown Casino. Het is altijd open. Een bord waarschuwt dat alle tassen worden gecontroleerd. Twee bullebakken van portiers houden routineus de deur open zonder ons aan te kijken.
Je stapt meteen de hel binnen. Of een groot pretpark - het is maar hoe je het wilt zien. Aan de plafonds hangen draaiende ballen met spiegels en kleurige lampen die aan- en uit flikkeren. Dreunende discomuziek beneemt je de adem, en de eindeloze rijen fruitmachines, die hier pokies heten, ondermijnen je oriëntatievermogen. Achter de tafels waar met kaarten wordt gespeeld zitten vooral jonge, goed geklede Aziaten. Blanken spelen zo te zien liever met fiches. Met de berustende blik van de expert zitten ze aan de goktafel. De grote meerderheid zit onderuitgezakt achter de pokies. Het zijn vooral vijftigers met een donkere huidkleur. Lower middle class, zou ik zeggen. Ze halen de arm van hun gokmachine naar beneden alsof het iets is dat ze nu eenmaal moeten doen, maar dat ze weinig plezier geeft. Af en toe klinkt er gejuich op in de zaal. Niet van iemand die veel geld heeft gewonnen, want winnen of verliezen wordt hier ogenschijnlijk even gelijkmoedig ondergaan, nee het is een groep Indiërs die juicht omdat ze op een groot tv scherm zien dat het Indiase cricketteam een wicket van de Australiërs omvergooit.
Het casino loopt ongemerkt over in een winkelgalerij met bioscopen en restaurants. Het is alsof alles en iedereen hier meewerkt aan het idee dat gokken geen kwaad kan en niets bijzonders is. Toch sijpelt er af en toe iets naar buiten van het leed dat zich hier afspeelt. In de krant staat het verhaal van een vrouw die hier een kwartiertje wilde blijven, ze bleef een halve dag. Ze had haar zoontje van een paar maanden in de auto achtergelaten. Toen ze terugkwam was haar zoontje dood. De temperatuur in de auto was opgelopen tot zestig graden.