Afkicken van een koopverslaving
In plaats van te lunchen met collega's, gaat Christa iedere middag shoppen. Haar schulden lopen snel op en ze functioneert steeds minder goed, maar ze kan het niet laten.
Christa, communicatiemedewerker bij een internationaal bedrijf, wordt door haar collega's plagend ‘Miss Gucci' genoemd. Iedere dag heeft ze iets nieuws aan, zelden komt ze in dezelfde outfit naar kantoor. De plagerijen van collega's hebben een wat bittere ondertoon, want ze vinden het niet leuk dat Christa nooit mee luncht. Daarnaast wekken de tasjes waarmee ze steeds komt aanzetten hun lachlust op.
Voor Christa zelf is shoppen al lang geen ontspannend tijdverdrijf meer. Het plezier dat ze er ooit aan beleefde is weg en daarvoor zijn schuldgevoel en financiële zorgen in de plaats gekomen. Ze heeft een schuld van 27.000 euro. Ze slaapt hier slecht door, komt minder uitgerust op haar werk en kan zich niet goed concentreren. Als ze de kans krijgt, bekijkt ze leuke aanbiedingen van Groupon, Marktplaats en andere websites tijdens haar werk. Obsessief is ze met koopjes bezig. Zo'n paraplu voor de helft van het geld, dat is toch hartstikke handig? Een echte stormparaplu, die heeft ze nog niet. In welke kleur zal ze hem kopen, in rood of zwart, of allebei?
Uit recent onderzoek blijkt dat in Nederland 4,7 procent van de volwassenen koopverslaafd* is, het merendeel is vrouw. En dat percentage zal alleen maar toenemen, want onder jongeren neemt de gevoeligheid voor koopverslaving toe - onder meer door een steeds grotere blootstelling aan reclame. Volgens de Europese Commissie vertoonde in 2000 zo'n beetje de helft van alle 14- tot 18-jarige meisjes in Italië, Schotland en Spanje tekenen van shopverslaving.
Bij vrouwen richt de verslaving zich vooral op mode, make-up en ‘hebbedingetjes', bij mannen op auto's, gereedschap en elektronica. De gevolgen kunnen ernstig zijn: je krijgt schulden en daarmee ook stressklachten. In extreme gevallen leidt koopverslaving tot winkeldiefstal en het bestelen van de werkgever. In rechtszaken gaan degenen die hun baas hebben opgelicht soms vrijuit, omdat ze zich beroepen op ziekelijk verslavingsgedrag, dat onderdeel is van een chronische depressie.
Wanneer ben je koopverslaafd?
Niet iedereen die graag koopt, is koopverslaafd. Leuk shoppen kun je vergelijken met sociaal drinken: gezellig met anderen op een terrasje een glaasje witte wijn of prosecco. Zolang je met mate drinkt - en koopt - kan het goed zijn voor je gevoel van welbevinden en kom je in een prettige roes terecht. Maar in een periode van extreme stress, bijvoorbeeld na het verbreken van je relatie of als je ontslagen bent, kan het shoppen een steeds grotere plaats in je leven innemen. Totdat je merkt dat je niet meer zonder kunt.
Eén van de eerste tekenen van verslaving is dat je spullen verbergt, dat je doet alsof ze je al lang hebt of zegt dat ze goedkoper waren dan ze in werkelijkheid waren. Maar je bent pas echt koopverslaafd als je de controle over je gedrag verliest en in de financiële problemen komt of er last van krijgt in je werk of in je sociale leven. Zoals bij Christa: ze moet kopen, ook al komt ze erdoor in de problemen met collega's en nemen haar schulden toe.
Afkicken van koopverslaving
Van koopverslaving kun je niet cold turkey afkicken. Boodschappen doen blijft immers een dagelijkse bezigheid. Als je meer controle over je koopgedrag wilt, helpt het om eerst een positief doel te stellen. Bijvoorbeeld een verre vakantie die je wilt boeken, een huis dat je wilt kopen of een opleiding die je wilt volgen. Dit is nodig om je te motiveren van de verslaving af te komen. Bedenk vervolgens wat je in plaats van shoppen kunt doen. Accepteer dat je dat minder leuk vindt, maar dat het wel beter voor je is. Houd je inkomsten en uitgaven twee maanden lang bij op een Excelsheet en je ziet precies waar je geld blijft. Of bestel op Nibud.nl een handig kasboek. Zet jezelf op een financieel dieet en reserveer een vast bedrag voor shoppen. Maak het kopen weer speciaal en beperk het bijvoorbeeld tot een dagje uit, eenmaal per maand. Bij voorkeur in een andere stad, dan is het echt uniek. Christa riep de hulp in van haar moeder, die accountant is. Tijdelijk nam zij het beheer van Christa's geld over: ze moest haar moeder toestemming vragen als ze een groot bedrag wilde uitgeven. Ze was trots op zichzelf toen ze zag hoe snel haar schulden afnamen en vond het grappig te merken dat haar collega's het helemaal niet zagen als ze een leuk jurkje al eerder had gedragen. Ze kreeg er evenveel complimentjes voor en misschien waren die nu wel meer gemeend, omdat ze zich collegialer opstelde en productiever was in haar werk.
*Onderzoeksrapport Rommert Sikkema, Hogeschool Leiden |