Het
ziektebeeld alexithymie
'Ik ben in behandeling voor burnout,
maar psychisch is er eigenlijk niets te vinden. Mijn therapeut
zegt dat het vooral een fysiek probleem is en stuurt me
door naar een haptotherapeut. Ik ken je boek, Omgaan met
burnout, en weet hoe de stresshormonen je lichaam beïnvloeden.
Toch snap ik eigenlijk niet waarom het bij mij niet verbetert.
Ik doe de goede dingen, ga op tijd naar bed, werk niet te
lang door, eet goed, sport. Eigenlijk is er niets aan de
hand. Maar toch ervaar ik vermoeidheid, transpireer ik overmatig
en kan ik me niet ontspannen. Ik kom niet tot rust. Kan
ik hiervoor behandeld worden?'
Ik ontmoet Wouter op een managementcongres. Een representatieve
veertiger, geslaagd, goed in het pak, bekleder van een hoge
functie in het bedrijfsleven.
Wat me opvalt is de intense blik in zijn ogen, supergespitst
op m'n antwoord natuurlijk, maar het bevestigt ook zijn
klacht dat hij niet meer kan ontspannen. Het adrenalineniveau
zit op een hogere uitgangswaarde dan voorheen, waardoor
hij niet meer tot rust komt en ook 's nachts zijn hart te
snel voelt kloppen. Hoe hij zich ook probeert te ontspannen,
het lukt niet, hij blijft klaarwakker.
Wouter doet me denken aan een andere manager die ik in behandeling
heb, Fred, die zich ook heeft gemeld vanwege overmatige
transpiratie, onvermogen om zich te ontspannen en vermoeidheid.
Het opvallende verschil is dat Fred wel een duidelijk verband
ziet tussen zijn gedachten, gevoel en lichamelijke reactie.
Fred is erg goed in zijn werk, kan goed organiseren en functioneert,
ondanks een MBO-opleiding, op HBO/academisch niveau. De
meeste managers van zijn niveau hebben een academische achtergrond.
Bij trainingen en overleggen zegt hij vaak tegen zichzelf
dat hij er waarschijnlijk niets van zal bakken, een sukkel
is vergeleken met de anderen en waarschijnlijk door de mand
zal vallen. Zodra een dergelijke zelfondermijnende gedachte
er is, gutst het zweet in straaltjes over zijn gezicht.
De gedachte is duidelijk: ik deug niet en dat zal zodirect
in deze workshop of vergadering blijken. En dat is vreselijk.
Zijn gevoel van angst, zijn fysieke reactie kun je zien
en ruiken.
Wat uit dit voorbeeld blijkt is dat lichaam en geest één
zijn, een gevoel is even lichamelijk als een stomp in je
maag. Bij stress kun je je altijd afvragen: waar voel ik
dit in mijn lichaam? Waar voel ik de angst, de boosheid
of verdriet?
Wouter is zich vooral bewust van zijn lijf en kan zijn gevoelens
niet benoemen. Hij lijdt aan het ziektebeeld Alexithymie,
wat betekent: het moeilijk kunnen beschrijven of herkennen
van eigen gevoelens. De tweede betekenis is dat je een arm
fantasieleven hebt.
Wat kan helpen? Wellicht haptonomie, en andere lichaamsgerichte
benaderingen, bijvoorbeeld Pessotherapie. Wat ook helpt,
en met die richting hebben psychotherapeuten ervaring, is
Eye Movement Desensitisation and Reprocessing. Als therapeut
vraag je dan niet om het gevoel te benoemen, je hoeft je
als cliënt je er alleen maar op te concentreren, terwijl
je met je ogen de handbewegingen van de therapeut volgt.
Het verhaal komt dan vanzelf.
|