| |
| Column |
 |
|
In bad
De Nederlander mijdt het bad en stapt
vaker onder de douche. Waar de consument in 1998 nog een keer
per week in bad ging, doet men dat nu eens in de twee weken. De
daling van het gebruik van badwater is vanaf 1995 gaande. Het
gemiddelde gebruik van badwater daalde van 9 liter per dag, naar
3,7 liter nu.
Dat lijkt niet zo erg, Nederlanders zijn niet massaal gaan stinken,
want, zo luidt het krantenbericht: gemiddeld neemt de Nederlander
op ruim twee dagen van de drie een douche.
Maar het is natuurlijk wel lekker om in bad te gaan. Het warme
water is goed voor de ontspanning van nek- en schouderspieren.
Je doet een lavendelgeurtje in bad, muziek erbij, een boek. Af
en toe wat extra warm water erbij om het niet te snel af te koelen.
In bad hoef je létterlijk niets te doen.
Voor het lekkere hebben we kennelijk minder tijd. Dat is jammer
in tijden dat we steeds meer onder druk komen te staan.
De druk op onszelf heeft te maken met externe factoren zoals de
teruglopende economie, dalende aandelenkoersen, dreigende werkloosheid,
teveel geld uitgeven door de euro, de oorlogsdreiging met Irak,
de verruwing in omgangsvormen, en een gevoel van onveiligheid.
De stress komt ook van de druk die we onszelf opleggen. Dat heeft
lang niet altijd met werk te maken, want de trend is dat de werkweek
steeds korter is geworden en we meer vrije tijd krijgen. Volgens
de Emancipatiemonitor van 2002 van het SCP hebben vrouwen gemiddeld
banen van 13 uur per week, of ze nu kinderen hebben of niet.
Een deel van de vrije tijd gaat natuurlijk op aan huishouden en
eventueel kinderen en familie- en vriendencontacten. Maar wat
doen we met de resterende lummel- en luiertijd?
Vorige week gaf ik een workshop in Maastricht over hoe je burnout
kunt voorkomen -remmen voor het ravijn - en eindigde de lezing
met de opdracht: bedenk een ding dat je vanaf morgen anders kunt
doen. De volgende dag stond deze reactie op mijn mail: 'Ik heb
jouw laatste advies heel serieus genomen namelijk. bedenk één
ding dat je morgen anders gaat doen. Opeens dacht ik dat ik wel
moest wel ingaan op de vacature bij het ministerie. Dat geeft
me rust. Ik kan daar een heleboel dingen doen die ik graag wil
doen. Het is een werkgever die de ontwikkeling van de medewerker
faciliteert en het hoofd van de afdeling is iemand die er is voor
zijn medewerkers. Mijn twijfel was dat ik bezig was een eigen
bedrijf op te zetten, samen met anderen. Die wilde ik niet in
de steek laten. Maar wat ik wil is rust en ruimte. De paar jaar
dat mijn kinderen nog thuis zijn, wil ik dat ik er voor ze ben
en niet dat ik als een moeie moeder op de bank zit. Dat is de
laatste tijd teveel het geval geweest. Ik kreeg pas voor mijn
verjaardag van Sarah, mijn oudste dochter, een "relaxpakket"
met allerlei lekkere dingen voor het bad erin, om, zoals ze zei
tot rust te komen. Ik ben daar al twee jaar niet aan toegekomen
en dat is toch eigenlijk niet de bedoeling. '
Heb jij nog tijd om in bad te gaan? Het is een mooie graadmeter
om bij jezelf te testen hoe het ervoor staat met de balans tussen
privé en werk. En wellicht zien we over een paar jaar dat
de gemiddelde Nederlander weer een keer per week in bad gaat.
Overigens: het was niet verbazend dat het pleidooi voor het bad
vooral in het Zuiden weerklank vond. Daar zitten de meeste huishoudens
met een bad.
|