| In de beperking toont zich het geluk
Met de WAO-veranderingen treden er verschuivingen op in de cliëntenpopulatie van de psycholoog. In mijn eigen praktijk werden de afgelopen week drie werknemers aangemeld met een lichamelijke ziekte. Twee hadden een hartinfarct gehad, één leed aan sarcoïdose (de ziekte van Besnier-Boeck). Omdat het om een relatief onbekende ziekte gaat even een korte toelichting. Bij deze laatste ziekte is het immuunsysteem ontregeld, het lichaam maakt ontstekingsremmende cellen aan, terwijl er geen ontsteking is. De cellen gaan zich nestelen in longen en lymfeklieren. Ze kunnen ook andere vitale organen aantasten, nieren, lever, longen en hart. De ziekte kan behandeld worden met medicijnen, en 80% van de patiënten herstelt. Eén van de mogelijke gevolgen van de ziekte is dat de patiënt zich erg moe voelt. Dit deelt hij met de patiënten die herstellende zijn van een hartinfarct.
Deze drie patiënten zijn doorverwezen door hun bedrijfsarts met als vraag ze te ondersteunen bij het vinden van een balans tussen werk en privé en werk en gezondheid. Dat gaat niet vanzelf, het gaat om mensen die het uiterste van zichzelf vragen, ook op sportief gebied en zich niet neer kunnen leggen bij suboptimale prestaties. Acceptatie van ziekte en aanpassing aan de nieuwe omstandigheden schieten tekort. Daardoor raken ze meer gestresst en lopen ze het risico burnout te raken. Ze vragen meer van zichzelf dan ze aankunnen.
Deze preventieve vraag naar coaching op het gebied van werk en gezondheid, ervaar ik als een nieuwe trend. Natuurlijk, ook eerder heb ik mensen aangemeld gekregen die zich moesten aanpassen aan de gevolgen van een ziekte, bijvoorbeeld een CVA. Maar dat was een uitzondering.
Ik denk dat de verandering in verwijzing mede komt doordat de inspanningen van bedrijfsartsen en leidinggevenden er meer op gericht zijn de werknemers met lichamelijke beperkingen aan het werk te houden. De toegang tot de WAO wordt moeilijker gemaakt, vooruitlopend op de stelselverandering in 2006. Ook met lichamelijke ziektes word je in de toekomst minder snel afgekeurd. Bij ziekte ligt het accent op wat je nog wel kan. Werkgevers zien in dat ze baat hebben bij werknemers die goed omgaan met hun beperkingen, zodat ze niet voortijdig uitvallen.
In de behandeling gaat het erom dat de werknemers op een andere manier zich gelukkig voelen in hun werk dan voorheen. De filosoof en psycholoog William James had voor geluk in het werk een eenvoudige definitie voor: G = S/A. Het geluk dat je ervaart is het resultaat van de hoeveelheid succes die je hebt, gedeeld door de mate van ambitie. Met andere woorden: wie veel succes heeft en weinig ambitie, is erg gelukkig. En wie veel ambitie heeft en weinig succes is ongelukkig.
Een voorbeeld. Stel dat je gehandicapt raakt en voortaan in een rolstoel moet zitten. Je bent heel sportief en je ambitie is toptennisser te worden. Je kunt succesvol zijn, als je je aanpast aan je omstandigheden en je ambitie verlegt. Je gaat rolstoeltennissen. Je wordt doodongelukkig als je net als je ambitie is gezond en wel toptennisser te worden.
Voor deze drie cliënten geldt dat ze veel ambitie hebben en hun succes beperkt wordt door hun lichamelijke conditie. Bij hen bestaat het coachingstraject uit: ambitie verleggen naar wat wel mogelijk is en de definitie van succes verbreden naar de balans tussen werk en privé en werk en gezondheid.
James’ geluksformule kun je preciseren door te stellen dat geluk in het werk voortkomt uit een gezonde dosis ambitie die stoelt op een sterke innerlijke gedrevenheid en die gelijke tred houdt met je vermogens. Daarnaast is het van belang een brede opvatting van succes te hanteren die niet beperkt blijft tot uiterlijke kenmerken en die meer aspecten van het leven behelst dan succes op het werk.
|