| |
Column
Burnout
en learned helplessness
Ik ben zelf reeds 1,5 jaar uit de roulatie met een zware
burnout. Een burnouttraject bij HSK heeft helaas niet het gewenste
effect gehad. De klachten blijven aanwezig en de belastbaarheid
neemt niet toe ondanks dat ik zelf wel optimistisch van aard ben.
Ik heb zelf wel eens het idee dat er iets in mijn hersenen kapot
is gegaan door die lange stressperiode die vooraf is gegaan aan
mijn instorten. Is hier wel eens onderzoek naar gedaan, en zo
ja wat is prognose/behandeling?, mailt een bezoeker van
de website.
Deze bezoeker staat niet op zichzelf. Velen hebben last van vermoeidheidsklachten
die maar niet overgaan en velen zoeken de oorzaak in het lichaam
en eventueel de beschadiging van de hersens. Maar het zou wel
eens anders kunnen zijn.
Afgelopen vrijdag, 4 oktober 2002, op een congres over whiplash
en arbeid, stelde de neuropsycholoog dr. E. Matser van het Anna
ziekenhuis in Geldrop voor de namen van de ziektes zoals whiplash,
burnout, fibromyalgie en RSI af te schaffen en het vooral te hebben
over het klachtensyndroom: pijnklachten en vermoeidheidsklachten
en voor die klachten een adequate behandeling te bieden.
Chronische vermoeidheidsklachten die langer dan zes maanden duren,
zou je dus kunnen scharen onder de noemer chronische vermoeidheid.
Wat is nu het gevolg van chronische vermoeidheid? Langdurig tegen
het verschil oplopen van willen en kunnen zorgt voor learned helplessness.
Aangeleerde hulpeloosheid geeft gevoelens van somberheid, leidt
tot energieverlies en inactiviteit. Het centrale denkthema van
learned helplessness is: Ik kan het niet. Matser stelt dus dat
de overtuiging Ik kan het niet, of in het geval van bovengenoemde
burnoutpatiënt: Er is iets in mijn hersens kapot van grotere
invloed is dan neurocognitieve vermogens die met het functioneren
van de hersens te maken hebben.
Zijn verhaal deed me denken aan een journalist die twee jaar lang
niet van burnout herstelde en de moed nog iets te kunnen had opgegeven.
Pas na twee jaar langzaam herstellen
van burnout
Piet Tania, journalist, momenteel researcher, is drie jaar geleden
ziek geworden. Hij was twee jaar thuis en is nu sinds kort weer
aan het werk. Zijn klachten betroffen: extreme vermoeidheid, misselijkheid,
hoofdpijn, slaapproblemen (hij werd s nachts veel wakker
tussendoor), ontsteking van gewrichten, pijn in spieren, opgezette
knieën, opgezette lymfeklieren, plotseling flauwvallen en
spierzwakte. In het begin van zijn ziekte werd hij zwaarder, vervolgens
viel hij in korte tijd dertig kilo af. Restklachten: soms hoofdpijn
en pijn in de rug. Mentaal had hij last van een gevoel van leegte.
Achtergrond
Piet Tania was een schoolverlater. Op zestienjarige leeftijd ging
hij van school af. Na een aantal jaren van alles ondernomen te
hebben, besloot hij zijn opleiding af te maken en haalde hij met
behulp van zijn vader het staatsexamen. Vervolgens studeerde hij
aan de School van Journalistiek en kwam daarna terecht bij onder
andere AT 5. Als journalist werkte hij keihard, deed zestien uur
in acht uur (door bijvoorbeeld info door te verkopen aan de andere
media) en stelde hoge eisen aan zichzelf. Hij wilde de beste zijn.
De omgang met collegas liep niet altijd plezierig. Hij had
een grote mond en anderen dachten dat ze van alles tegen hem konden
zeggen. Maar hij trok zich de dingen meer aan dan zij dachten.
Piet heeft naast zijn werk jarenlang de levensgevaarlijke hobby
van rots beklimmen beoefend en verscheidene keren meegemaakt dat
een mede-sporter gehandicapt raakte, een dwarslaesie aan de sport
overhield of zijn leven verloor. Ook dit raakte hem, maar hij
liet het niet merken.
Uit de burnout
Vlak voordat hij burnout raakte had hij gehoord dat zijn vriendin
hem jarenlang bedrogen had. Hij had het niet gemerkt, zijn leven
draaide om zijn werk. Van de ene op de andere dag zat hij burnout
thuis. Twee jaar lang deed hij niets. Hij was teruggegaan naar
zijn ouderlijk huis en zijn moeder verzorgde hem.
Piet dacht dat hij niets meer kon, na twee jaar was hij nog even
moe als in het begin. Ik kan niets meer, was zijn
overheersende gedachte. Soms dacht hij dat hij er beter een einde
aan kon maken. Piet Tania is uit zijn burnout gekomen doordat
een vriend uit zijn jeugd hem hoop heeft gegeven. Die vriend liep
hij toevallig in het dorp tegen het lijf. Zijn vriend schrok van
hoe hij er uitzag, zo afgevallen als hij was en futloos. Zijn
vriend trok zich zijn lot aan en gebruikte methoden die hij als
sportcoach gebruikte bij overtrainde sporters. Hij schreef Piet
precies voor hoeveel hij moest bewegen per dag en wat hij moest
eten. Of hij nu energie had of niet, hij moest het programma volgen.
Achteraf zegt Piet dat een van de belangrijkste factoren in zijn
herstel is geweest dat zijn vriend hem hoop gaf. Zelf had hij
de moed al opgegeven, maar zijn vriend was er zeker van dat hij
door het programma te volgen zou herstellen. En dat is gebeurd.
Conclusie
Uit de ziektegeschiedenis van Piet Tania haal ik een paar dingen
die ook anderen die langzaam herstellen van burnout kunnen helpen:
Blijf geloven in je herstel en daag
fatalistische gedachten uit. Door geleidelijk meer te bewegen
krijgt iedereen meer energie. Begin bij wat je nu kan en breidt
dat iedere dag of iedere week geleidelijk uit.
Zoek iemand, liefst een vriend, maar het kan ook een fysiotherapeut
zijn, die je wil coachen, die je niet alleen steunt maar ook hard
is, die erop staat dat je je aan een programma houdt.
Stel een programma op dat losstaat van pijnklachten en vermoeidheid,
maar dat erop gericht is langzamerhand je energie op te bouwen.
Doe nooit meer dan dat het programma voorschrijft, ook al voel
je je overlopen van energie.
Houd een logboek bij over verbeteringen, want veel mensen zien
de kleine verbeteringen over het hoofd, omdat ze teleurgesteld
zijn over het tempo van herstel.
Zoek na de reïntegratie in het werk geestelijk de uitdaging,
want anders blijf je gestresst vanwege onderbelasting. Dit kan
leiden tot gevoelens van leegte en zo de spiraal van learned helplessness
opnieuw in gang zetten.

|