De macht van de verzekeraar
“Voor de mazzel”, zegt de bloemenman, als ik gebaar dat hij het wisselgeld mag houden. Mazzel, dat kan ik ook wel gebruiken. Want als het even tegenzit word ik opgepakt. Ik was me van geen kwaad bewust. Maar de manier waarop ik mijn beroep uitoefen, heeft een crimineel kantje.
Even tevoren was ik een bekende psychiater tegengekomen. Hij had altijd haast, maar nu kuiert hij naast zijn fiets. Aan het stuur hangt een uitbundig bloeiende bougainville.
“Wat doe jij tegenwoordig?” vraag ik.
“Ik ben aan het interimmen.”
“Interimmen? En je had zo'n mooie praktijk.”
“Ben ik mee gestopt. Ik was alleen nog met administratie bezig. Dure software aangeschaft. Eindeloos formulieren invullen voor de verzekeraar, die nu alles van je cliënten weet. En als zij vinden dat een andere therapeut dezelfde klacht sneller kan behandelen, lig je eruit. Nee Carien, dat is niks meer. De verzekeraar krijgt het helemaal voor het zeggen in ons beroep. En geen cliënt die er beter van wordt. Daar pas ik voor.”
“Daar ben ik mooi aan ontsnapt”, zeg ik. “Ik lever nog gewoon nota's in zonder al die rimram.”
“Dan ben je dus crimineel bezig. Lees de brochure van Delta Lloyd maar.”
Hij heeft gelijk, het staat er echt: “Indien men niet via DBC's declareert, wordt dit beschouwd als een economisch delict.”
De vermaledijde DBC. Op het eerste gezicht misschien een goed idee, die Diagnose Behandel Combinatie die therapeuten dwingt te zeggen welke diagnose ze stellen en hoe ze die gaan behandelen. Maar de administratieve rompslomp die erbij komt kijken werkt contraproductief: de behandeling wordt niet beter omdat je iedere minuut en handeling per computer registreert. En cliënten kunnen alleen terecht bij wie het snelst behandelt. Niet onmiddellijk een garantie voor kwaliteit.
Nou begrijp ik waarom 300 van mijn collega's er de brui aan hebben gegeven.
(Stond 31 mei in het AD)
|