| |
Succesvolle lijners en niet-succesvolle lijners
Voorjaar in de lucht, nieuwe modecollecties
in de winkel, leuke bikini's, maar ja, dan moet er wel wat af.
Zo'n twintig tot dertig miljoen kilo gaat er in deze periode af.
Ongeveer de helft van de vrouwen en twintig procent van de mannen
is er mee bezig. De consumentengids van maart 2003 speelt hier
handig op in door 100 vragen en antwoorden over het afslanken
te publiceren. Hoe val je af? Hoe vermijd je de valkuilen? Hoe
interessant de vragen ook zijn, de belangrijkste vraag stond er
niet in: hoe onderscheid je succesvolle lijners van de niet-succesvolle
lijners. De vraag is zo belangrijk omdat de niet-succesvolle lijners
beter af zijn geen dieet te volgen. Diëten leidt voor hen
alleen maar tot meer gewicht: het bekende jo-jo effect. Als je
naar de cijfers kijkt zou eigenlijk heel Nederland niet meer moeten
diëten, want na de zomer zitten alle kilo's er weer aan en
er komt steeds iets dikker. De meeste huisartsen raden het hun
patiënten af een dieet te volgen.
Maar er is een tussenweg. Je kunt namelijk de succesvolle lijners
van de niet-succesvolle lijners onderscheiden en de succesvollen
kunnen wél gaan lijnen. Daarover gaat het artikel 'Lijnen
erger dan de kwaal?' van Tatjana van Strien in de Psycholoog van
februari 2003.
Emotioneel eten
In 1975 lieten de Canadese onderzoekers Herman en Mack hun proefpersonen
verschillende soorten ijs eten. Van te voren hadden ze de mensen
ingedeeld in de groepen lijners en niet-lijners op basis van een
score op een vragenlijst. Voordat de mensen het ijs mochten proeven
kregen ze geen, één of twee milkshakes te drinken.
Het bleek dat mensen die niet aan de lijn deden minder van het
ijs aten dan mensen die wel lijnden. Die aten na het drinken van
de milkshakes grote hoeveelheden ijs. In een volgend experiment
zeiden de onderzoekers van te voren dat de milkshakes wel of niet
veel calorieën bevatten. Nu bleek dat vooral de mensen die
te horen hadden gekregen dat de milkshakes super veel calorieën
bevatten, zich ongans aan het ijs aten. Als ze toch een keer de
grens over gegaan waren van hun zelfopgelegde beperking, dan deed
het er niet meer toe, dan gingen de remmen helemaal los. Dit verschijnsel
wordt disinhibitie-effect genoemd. Dus als je gebroken hebt met
de beperkingen die je aan jezelf oplegde, dan raak je geheel en
al ontremd en eet je erop los.
Disinhibitief eetgedrag kan in het dagelijks leven twee vormen
aannemen: emotioneel eten in reactie op nare gevoelens of extern
eten, hetgeen betekent dat je vooral op externe prikkels reageert,
zoals op de lekkere geur uit de bakkerswinkel, het dienblad vol
heerlijke hapjes op een receptie of de mooi ingerichte etalage
met chocolade paashaasjes van een banketbakker.
Therapie voor de emotionele eter
De onderzoekster Van Strien heeft ook gekeken naar de persoonlijkheid
van de niet-succesvolle lijner. Zij vond dat gebrek aan zicht
op eigen emoties en gevoelens van honger en verzadiging (gebrek
aan introspectief vermogen) en sociale onzekerheid het beste het
falen van de lijner kunnen voorspellen. Haar conclusie liegt er
niet om: 'Emotionele eters hebben alleen baat bij een therapie
met aandacht voor de psychische problematiek; een therapie waarin
gewerkt wordt aan het slechte zicht op eigen emoties, het lage
gevoel van eigenwaarde en het negatieve zelfbeeld (Linehan, 1993;
Telch, 1997).
Voor de succesvolle lijners zijn deze tips uit de Consumentengids
waardevol: val niet te snel af, stel een haalbaar doel ( 5-10%
van je lichaamsgewicht ervan af), vermijd de tussendoortjes en
beweeg iedere dag tenminste een half uur redelijk intensief (stevig
wandelen, fietsen of trappenlopen). De website rivas.nl geeft
tenslotte informatie over de zin én onzin van dieten.
|