Narcistische bazen
De tot vijf jaar gevangenisstraf veroordeelde wonderbelegger René van den Berg was niet uit op zelfverrijking, zoals de rechter beweerde, maar wilde slechts respect en aanzien. Tenminste, dat zegt zijn advocaat. En hij zou nog wel eens gelijk kunnen hebben.
Net als veel managers is Van den Berg misschien niet zozeer een geldwolf, als wel iemand die niet genoeg kan krijgen van aandacht voor zijn ego. Volgens een recent onderzoek naar narcistische managers ( The Economist , 12 augustus, 2006) zijn managers vaker dan gemiddeld behept met een narcistische persoonlijkheid.
De narcistische manager wil gezien en bewonderd worden en zich onderscheiden van anderen. Hij, of zij natuurlijk, heeft een diep weggestopt minderwaardigheidscomplex dat hij overschreeuwt door alsmaar de aandacht op zichzelf te vestigen. Zo'n manager kan er ook absoluut niet tegen als zijn ego een deukje oploopt. Hij kan dan in grote woede ontsteken.
De narcistische persoonlijkheidsstoornis ontstaat als een kind te weinig aandacht krijgt voor de eigen behoeftes en verlangens. Hierdoor is het kind niet in staat zijn ware zelf te ontdekken. Dat zal er toe leiden dat het als volwassene als het ware zijn eigen ik opblaast, om het gebrek aan eigenheid te maskeren. Dit soort mensen wil zijn beperkingen niet onder ogen zien en doet alsof het niemand nodig heeft. Hun empathisch vermogen is dan ook ver te zoeken.
Een narcistische manager kan nuttig zijn voor een organisatie. Hij wil immers alles doen om bewonderd te worden. En goede bedrijfsresultaten helpen daar geweldig bij. Het gaat mis als het narcisme de boventoon gaat voeren, en de manager zijn persoonlijk leven en gezondheid opoffert aan de uiterlijke schijn van roem, aanzien en macht. Zo iemand waant zich onkwetsbaar en voelt zich boven alle kritiek verheven. Als er regels zijn, dan gelden ze niet voor hem. Hij gaat steeds roekelozer te werk: hij wordt grover, meer geldbelust en gaat slordiger declareren en neemt meer risico in acquisities van bedrijven en bij fusies. En dat is vaak het begin van het einde.
Aandeelhouders kunnen het dus treffen met een narcistische managers, of volstrekt de boot in gaan. Voor medewerkers is een narcistische baas vaak een ramp: hij is alleen maar uit op bewondering en kan geen kritiek verdragen. Het is aanpassen of wegwezen.
Narcistische mensen zijn moeilijk te behandelen. Ze zien het probleem niet, ze vinden juist dat ze fantastisch bezig zijn. De krenking om naar een therapeut te gaan is te groot. De beste manier om met dit soort mensen om te gaan is door te zeggen dat ze het nog beter doen dan ze zelf al vinden. Ze zullen dan snel op je hand zijn, waardoor je met je eigen voorstellen kunt komen en meer je eigen gang kunt gaan. Maar let op: de woede van een narcist kan meedogenloos zijn.
Stel dat Van den Berg niet in de eerste plaats een oplichter was, maar vooral werd gedreven door de behoefte aan bewondering, zoals je uit de woorden van zijn advocaat zou kunnen opmaken, en wat ook nog eens blijkt uit het feit dat hij geen enkel berouw toont. Zou dat een reden zijn om hem minder zwaar te straffen? Dat vind ik niet. Al zou je kunnen zeggen dat Van den Berg aan een psychische stoornis leidt, dan nog is het gezien zijn maatschappelijke positie en het leed dat hij heeft veroorzaakt terecht dat hij hiervoor een flinke straf krijgt. Wel is het raar dat anderen, al of niet narcistische, managers, zoals de ex-Aholdbazen, die ook hun bedrijf de afgrond in hebben gestort, veel milder worden beoordeeld.
|