Waarom raakt de een eerder opgebrand dan de ander
Nicole, verpleegkundige op de I.C kon alles aan. Drie kinderen, ouders die verzorging nodig hadden, een man die veel in het buitenland zat. Ze prees zichzelf vanwege haar organisatorische kwaliteiten. Natuurlijk merkte ze wel dat na de geboorte van haar derde kind niet alles even makkelijk liep. Meer vermoeid, minder gemakkelijk met de wisselende diensten omgaan, sneller geirriteerd, meer moeite om zich te concentreren en iets vergeetachtiger. Ze tilde er niet zo zwaar aan, iedereen zit wel eens wat minder in haar vel. Straks, als ze vakantie had, zou het wel weer beter gaan. Op het werk vergat ze een patient te controleren en werd daar door een collega op aan gesproken. Tranen, niet meer te stoppen. Het afdelingshoofd stuurde haar naar huis met het verzoek tenminste een maand rust te nemen. Nicole raakte daardoor alleen nog maar erger van streek en ervaarde de voorgeschreven maand rust als een straf. Waarom erkende men niet dat ze het ondanks alle problemen toch hartstikke goed deed?
Nicole is niet de enige die afbrandt op het werk. Onderzoek wijst uit dat een op de 10 werknemers burnoutklachten heeft. 16% loopt het risico op het ontwikkelen van klachten.
Mensen zoals Nicole kunnen zich niet voorstellen ooit burnout te raken. Ze stellen hoge eisen aan zichzelf, cijferen zichzelf vaak weg, hebben een sterke wil, zijn toegewijd. Idelaistisch ingesteld en loyaal. De ideale werknemer voor wie niets te veel is.
Juist het je niet kunnen voorstellen dat zoiets als burnout je ooit overkomt is een van de risicofactoren. Een gestage druppel holt zelfs de hardste steen uit. Dus als je maar lang genoeg roofbouw pleegt op jezelf, roep je het onheil onvermijdelijk over jezelf af.
Natuurlijk brandt de een sneller op dan de ander. Mensen verschillen in emotionele veerkracht, in weerbaarheid en in optimisme. Iemand die zich niet makkelijk ontspant en overal beren op de weg ziet, zal sneller opbranden dan een vrolijke flierefluiter.
Valt er iets tegen te doen? Zoaks sommigen zeggen, is stress een sluipmoordenaar. Je merkt de stress-signalen vaak niet op, omdat ze wat ongelukkig zijn getimed. Even gas terugnemen, komt nu niet goed uit.
Als je hierin jezelf herkent, heb je misschien wat aan de volgende tips. Zorg je er zelf voor dat er voldoende positieve opmerkingen zijn over wat je doet? Weet je wat je eigen doelen in het werk zijn en zijn die afgestemd op de organisatie? Stel dat je de zorg uit wilt, heb je dan alternatief?
Nicole is na een periode van een paar maanden hersteld en weer helemaal terug in het werk. Wat anderen opvalt is dat haar werkhouding is veranderd: ze stelt grenzen, komt meer voor zichzelf op en heeft zowaar een hobby naast het werk. Als ze op haar nieuwe motor rijdt, verwaaien alle muizenissen in de wind.
Twee grote stressfactoren
Dit zijn relaties met andere mensen en tijd(sdruk). In de omgang met leidinggevenden, collega's, partner en kinderen kunnen problematische aspecten zitten. Ook pesten op het werk en eenzaamheid vallen onder deze noemer. Tijdstress wordt opgedeeld in probleemgedragingen als altijd te laat komen, vaak niet op tijd zaken af hebben, teveel te doen hebben, te laat naar bed gaan, niet stil kunnen zitten enzovoort |