Een rotzak als baas
Leidinggevenden moeten het - volgens de theorie - meer van hun overtuigingskracht,
vaardigheden in coaching en empatisch vermogen hebben dan van hun
autoriteit. Volgens de laatste managementhype heeft de werknemer
eigen doelen en als het goed gaat stemmen deze overeen met de organisatie.
Dat heet Integraal Performance Management (IPM). Heb je je doelen
gehaald, dan krijg je bijvoorbeeld op je salaris 3% bonus. Allemaal
heel goed nieuws. Op de werkvloer wordt het steeds leuker, zou je
denken. Is het zo dat autoritaire bazen tot het verleden behoren?
Wat zeggen praktijk en onderzoek hierover?
Nienke, 36, werkt als consultant bij een multinational. Ze zegt
over haar leidinggevende: 'We verschilden ergens van mening over
en ik wilde met hem praten. Ik loop bij hem binnen. Hij werkt door
achter de pc en zegt dat hij met mij niet wenst te communiceren.'
Andere voorbeelden zijn dat hij wel aan haar vraagt te rapporteren,
maar zelf informatie achterhoudt. Op een personeelsfeest, toen hij
helemaal dronken was, zei hij: 'Ook al heb je een mooi gezicht en
een goed verstand, ik ben de baas.' Haar leidinggevende verdient
bijna drie keer zoveel als de minister-president, maar naar z'n
mening toch niet genoeg. Hij vindt het zo weinig dat hij klaagt:'Kom
ik hiervoor mijn bed uit?' Bij voorkeur spreekt hij haar aan bij
haar achternaam en roept dat ze niet zo moet lopen te kutten als
ze bezwaar heeft tegen dingen die hij voorstelt. Nienke meldde zich
ziek omdat ze niet meer bestand was tegen het gedrag van haar baas.
Ze sliep er niet meer door en raakte de greep op zichzelf kwijt.
Ze is nu bijna een half jaar ziek en heeft geen contact meer gehad
met haar leidinggevende.
Carla, 28, kwam een jaar geleden in dienst van een klein bureau.
De twee compagnons waren blij met vers bloed en stelden een partnerschap
in het vooruitzicht. Na een half jaar is ze vertrokken, stukgelopen
op de weerstand van haar compagnons. Volgens Carla legden ze op
alle slakken zout en kon ze in hun ogen niets goeds doen. Alles
moest gebeuren op hun manier, als ze een offerte op een iets andere
manier wilde uitbrengen, dan mocht dat niet. Ze werd buitengesloten
van hun overleg, kreeg ook nonverbaal de boodschap: jij hoort hier
niet. De compagnons waren vastgeroest in hun gewoontes, beseften
dat, wilden daarom verandering. Maar ieder voorstel van haar ervaarden
ze als krenkend, bedreigend. Ze wezen het daarom af. Laura kreeg
de boodschap dat wat ze ook deed, het niet goed genoeg was. Ze voelde
zich uiteindelijk zelf afgewezen en vertrok.
Sociaal dominant, zeer conservatief en autoritair. Dat zijn karaktereigenschappen
van dit soort leidinggevenden, volgens de Canadese psycholoog B.
Altemeyer, die hier onderzoek naar deed. Dit soort bazen zijn rotzakken
volgens hem. Hun eigenbelang staat altijd voorop en ze geven niks
om de wensen en behoeften van anderen. Altemeyer zegt dat deze mensen
er alles aan doen om macht te verkrijgen om hun eigen doelstellingen
op een nietsontziende manier te bereiken. Ze houden van gezag -
vooral als ze het zelf kunnen uitoefenen. En ze hebben heel veel
vooroordelen over anderen (vooral minderheden).
Gelukkig zijn dit soort mensen niet
in de meerderheid: ruim vijf procent van de bevolking bezit deze
nare karaktertrekken. Maar het vervelende is dat ze vaak op machtige
posities terechtkomen.
Altemeyer deed het onderzoek via een spel, maar vraagt zich af:
wat gebeurt er als deze mensen echt op machtsposities terecht
komen?
De praktijk laat zien dat niet zijzelf, maar de ander ten onder
gaat. Wat kan iemand doen die in de bovenstaande beschrijving
zijn baas herkent? Er zit eigenlijk maar een ding op: vertrekken
voordat het te laat is. Je kunt meestal geen steun verwachten
van je collega's, want die zijn als de dood dat de toorn hen treft.
B. Altemeyer, Highly dominating, highly authoritarian personalities.
The Journal of Social Psychology, 2004, Vol. 144, p. 412-447.
(Bron:nieuwsbrief NIP, A&O psychologen). |