| |
Column
Studentenpsychologen nemen burnout niet serieus
Afgelopen week kwam twee keer het onderwerp
studenten en burnout op mijn pad: een journaliste van de Spits
interviewde me over de ernst van studieburnout en in het studentenblad
Toestand van de School voor Journalistiek in Utrecht stond een
stukje over burnout onder studenten. Beide journalistes signaleren
dat burnout onder studenten niet serieus wordt genomen, onder
andere niet door studentenpsychologen.
Anouk van der Meer vroeg aan de studentenpsycholoog Herman Wilms,verbonden
aan het Bureau Studentenpsychologen van de Hogeschool van Utrecht
(HvU) waarom.
Herman Wilms :'We hebben tegenwoordig een hype ontwikkeld rondom
de term burnout. Klachten als overspannenheid en depressie krijgen
al snel de naam burnout. Vroeger kregen alleen de mensen op de
werkvloer last van een burnout en verder niemand. Het is dan ook
erg moeilijk om de grens te trekken: wanneer is iets een burnout
en wanneer niet? Daarom hebben wij ervoor gekozen om de klacht
burnout weg te laten.'
De enige klachten van studenten die in het jaarverslag van de
studentenpsychologen (2001) voorkomen zijn: depressie, angst,
persoonlijkheid, identiteit, problemen en stress.
Van de 245 studenten die de studentenpsycholoog bezochten hadden
44 last van stressklachten, bijvoorbeeld overspannenheid.
Het is jammer dat een studentenpsycholoog
zijn vakliteratuur niet bijhoudt en niet met zijn tijd meegaat.
Ook studenten zijn mensen van de werkvloer.
De risicofactoren voor studenten zijn: combinatie van werk en
studie, prestatiebeurs, onzekerheid in relaties, negatief zelfbeeld,
geldzorgen. Daarnaast lopen studenten het risico RSI te krijgen,
40% heeft daar daadwerkelijk last van. RSI heeft tot gevolg dat
het stress-systeem ontregeld raakt en slaapproblemen ontstaan.
Als men het op zijn beloop laat, volgt uitputting en loopt men
het risico burnout te raken.
Is het een probleem als burnout voor
een depressie wordt aangezien?
Iedereen heeft recht op een goede en juiste diagnose, ook een
student. De diagnose zegt iets over de aanpak en behandelmethode.
Bij angst en depressie is de behandelaar gauw geneigd medicatie
te verstrekken. Dat gebeurt bij burnout niet. Bij depressie en
angst hoef je je eigen werkhouding niet te veranderen en hoef
je niet te leren beter voor jezelf te zorgen. Bij burnout gaat
alle aandacht uit naar de relatie met het werk en een verbetering
van de balans werk-privé.
Ik spreek uit eigen ervaring als ik zeg dat ik het erg vind wanneer
burnout voor een depressie wordt aangezien. Bij mij werd tijdens
mijn studietijd, zo'n 28 jaar geleden, de diagnose depressie gesteld.
Vanwege uitputting, slaapproblemen, het gevoel niets meer in me
op te kunnen nemen en me niet meer te kunnen concentreren was
ik naar de huisarts gegaan. Ik deed twee studies, werkte als student-assistent,
zat behoorlijk klem in relaties, had nare dingen meegemaakt tijdens
een vakantie en wist niet meer hoe ik uit de problemen moest komen.
Voelde me machteloos. Ik had al eens eerder hulp gezocht, een
studentenpsycholoog geraadpleegd, maar die vond de problemen niet
ernstig genoeg: 'Je groeit er vanzelf wel overheen.'
Van de huisarts kreeg ik eerst medicijnen tegen angst. Daardoor
nam de angst alleen maar toe. Vervolgens schreef hij antidepressiva
voor. Na ongeveer een maand sloeg de medicatie aan. Wel had ik
last van duizeligheid. Bij het Franse Mont St Michel liep ik duizelig
van een hoge trap af. Zo ontstond hoogtevrees. Ik knapte op, ging
na een aantal maanden weer verder met mijn studies en ben nog
lang doorgegaan met te doen alsof grenzen voor mij niet bestonden.
Zou in die tijd bij mij de diagnose burnout zijn gesteld, dan
had ik geen medicatie gehad, en had ik misschien iets meer geleerd
over grenzen, in balans zijn, durven kiezen en goed voor mezelf
zorgen. Toen was de kennis over burnout niet aanwezig, nu wel.
Voorlichting in de studie is nodig over verschijnselen als burnout
en RSI en studentenpsychologen zouden zich moeten bijscholen.
Anders kan het instituut maar beter opgeheven worden en kunnen
studenten beter via de huisarts naar maatschappelijk werk en eerstelijnspsychologen
worden doorverwezen.
|