| |
Naar wie verwijs je bij burnout
Laatst sprak ik een bedrijfsarts, die
bewust nooit de diagnose 'burnout' stelt. Zij schrijft alleen
op: mevrouw A slaapt slecht, piekert veel, is vergeetachtig, en
stelt in haar werk hoge eisen aan zichzelf. Haar motivatie is
dat als je die diagnose stelt, mensen meteen gaan denken dat het
een jaar of langer gaat duren. Iedereen in de omgeving gaat zeggen:
rust houden, terwijl mensen daar vaak niet bij gebaat zijn.
Hoe goed bedoeld ook, deze aanpak van de bedrijfsarts zal vaak
averechts werken. Mensen gaan zoeken op internet, gaan lijstjes
invullen en komen zelf op de diagnose burnout. Ze voelen zich
niet erkend en gesteund door de bedrijfsarts en gaan shoppen bij
de (alternatieve) hulpverlening. De bedrijfsarts is de regie kwijt.
Beter is het de werknemer te informeren over goede behandelmethoden
voor burnout en, in overleg met de werkgever of leidinggevende,
de werknemer goed door te verwijzen. Zo wordt burnout geen dumpdiagnose
waardoor iemand een jaar of langer verzuimt. Overigens, de Wet
Verbetering Poortwachter gaat dat ook tegen, doordat er vóór
de zesde week van arbeidsongeschiktheid een probleemanalyse en
een advies voor werkhervatting moet liggen.
Hoe zie je nu als bedrijfsarts of een zieke medewerker begeleiding
nodig heeft voor werkhervatting? En naar welk reïntegratiebedrijf
verwijs je dan?
Begeleiding lijkt noodzakelijk wanneer er sprake is van chronische
stress die zich uit in piekeren, disfunctionele gedachten en slecht
slapen. Als medewerkers zich langer dan drie maanden uitgeput
voelen, dan is doorverwijzen noodzakelijk. In zo'n geval is de
neurohormonale balans verstoord is en herstelt men meestal niet
meer vanzelf.
Maar naar wie verwijs je dan door? Het aanbod is divers: bedrijfsmaatschappelijk
werk, eerstelijnspsychologen, vrijgevestigde psychotherapeuten,
de GGZ, reïntegratiebedrijven, een loopbaanadviesbureau.
De eerste vraag is wie betaalt er voor de behandeling. Als de
werknemer het zelf moet betalen, kan hij of zij het beste via
de huisarts naar een eerstelijnspsycholoog of vrijgevestigd psychotherapeut
worden doorverwezen. Adviseer de werknemer te informeren naar
de ervaring van de hulpverlener met arbeidsgerelateerde problemen.
Betaalt de werkgever, dan kan de bedrijfsarts kiezen uit een aantal
reïntegratiebedrijven, zoals bijvoorbeeld Argonaut, B&A/Prometheus,
KLIQ, of Winnock. De bedrijfsarts kan ook de medewerker vragen
een keuze te maken na een paar oriënterende gesprekken gevoerd
te hebben. De motivatie van de medewerker is van cruciaal belang
voor het slagen van de werkhervatting.
Vraag ook eens naar de cijfers van succes bij werkhervatting van
de reïntegratiebedrijven. Onlangs hoorde ik van een collega
die er onderzoek naar had gedaan dat de cijfers meestal rond de
30% liggen en dat de terugval na een periode aan het werk te zijn
geweest hoog is.
Als oprichtster van het bedrijf B&A/Prometheus, waarbij de
werkhervattingsscore volgens recent onderzoek 92% is vond ik dat
cijfer onthutsend laag. Ons bedrijf is niet de enige die zo goed
scoort. Winnock lijkt een goede tweede, met, volgens eigen zeggen,
86%. Ik ben benieuwd naar de score van andere bedrijven en zal
ze graag op mijn website zetten (www.carienkarsten.nl).
(Is verschenen in Rendemens, april 2003)
Carien Karsten is psychologe en juriste
|