| Zaken doen zonder penis
Met twee collega’s/vriendinnen overlegde ik onlangs over het opzetten van een nieuw bedrijf: het begeleiden van veranderingsprocessen op de werkvloer. Eén van hen wil dat ik in ons nieuwe bedrijf doorga met burnoutbehandelingen, maar ik zie de kans schoon om weer eens heel ander werk te doen: headhunting. Een onderdeel van het veranderingsproces is immers nieuwe mensen aantrekken. Headhunting, heb ik vijftien jaar geleden ervaren, is het meest flitsende werk dat ik ooit heb gedaan. Mijn collega kijkt me verbaasd aan: ‘En de burnoutbehandelingen dan? Dat is toch je kracht?’ ‘Daar moeten we dan maar een ander voor aannemen,’ zeg ik. ‘Ik ben in voor iets nieuws.’ De andere collega valt me bij. Ook zij ziet zichzelf iets heel anders doen dan de coaching en acquisitie die ze de afgelopen vijf jaar heeft gedaan. Het is spannend, we voelen ons als schoolmeisjes die een partijtje organiseren.
We zijn een typisch voorbeeld van vrouwelijk ondernemerschap. We trappen ook in een bekende valkuil: je hobby uitleven. Zeventig procent van de mensen die voor zichzelf beginnen, gaat iets heel anders doen, dan waar ze hun sporen in hebben verdiend. Volgens Wilma van Hoeflaken, auteur van Het Moederbedrijf, geldt dit wellicht in sterkere mate voor vrouwen. Vrouwen zijn niet zozeer gedreven om veel geld te verdienen of macht uit te oefenen, het gaat hun om de inhoud van het werk en ze willen graag dat daarin hun persoonlijke vaardigheden en kwaliteiten tot uitdrukking komen. Zo wilde een cliënte van mij, die veel erkenning kreeg als natuur- en milieudeskundige, een bloemenzaak beginnen, omdat ze helemaal kon opgaan in het bloemschikken. Op die manier bevestigen vrouwen ongewild het imago van een vrouwenorganisatie: een leuke hobby.
Nog een andere valkuil trof ik aan in het geestige boekje How to succeed in business without a penis van Karen Salmonsohn. Ze stelt dat veel vrouwelijke zakenpartners elkaar minder helpen dan ze zouden kunnen. Het is soms een catrace, waarbij vrouwen elkaar afkatten in plaats van ondersteunen. Waar het volgens Salmonsohn vooral om gaat, is dat bij veel vrouwen vanuit socialisatie negatieve gedachten over zichzelf op de loer liggen. Daardoor is ons zelfbewustzijn kwetsbaar en kunnen we vanuit onzekerheid venijnig handelen en de ander kwetsen. Door jaloezie ontstaat een ongezonde vorm van concurrentie.
Heeft ons ondernemingsplan kans van slagen? Technisch wel, en ik zie ons ook nog wel tot een goede balans komen tussen het behoud van het goede en het experiment. Maar de balans vinden tussen vriendinnen van elkaar zijn en toch ook zakenpartners - dat wordt de uitdaging.
|