Waarom kan de een beter met stress omgaan dan de ander? Daar zijn verschillende verklaringen voor. De een zegt dat het te maken heeft met je houding tegenover stress. Maak je je druk of niet? De ander beweert dat stress bij de een langer in het lijf blijft hangen dan bij de ander. En de nieuwste verklaring is dat het te maken heeft met de mate waarin je je veilig voelt.

Jos Brosschot, bijzonder hoogleraar psychofysiologische mechanismen van stress in het dagelijks leven aan de universiteit van Leiden werkt die laatste verklaring uit in zijn oratie: Dagelijks paraat voor het nooit geschiedend kwaad.

Brosschot geeft allereerst aan hoe belangrijk het is om stress aan te pakken. Meer dan de helft van het ziekteverzuim komt door stress, zegt hij. Twee op de drie doktersbezoeken zijn stressgerelateerd en gestreste mensen hebben meer kans op een hartaanval en hart- en vaatziekten. Alle reden dus om daar wat aan te doen.

Dat je af en toe stress ervaart is niet erg. Van korte stressreacties word je niet ziek. Als de stressrespons (zoals een verhoogde hartslag en verhoogde bloeddruk) langer aanhoudt is dat wel een probleem. Dat moet je dus zien te voorkomen. Niet door je zo min mogelijk bloot te stellen aan stress, maar door ervoor te zorgen dat de stress niet te lang aanhoudt. Om te weten hoe je dat moet doen, moet je begrijpen hoe het komt dat de stress zo lang in je lichaam blijft hangen.

Verklaringen

De eerste verklaring voor het aanhouden van stress waar Brosschot aan refereert, is dat niet de gebeurtenis je stressreactie verklaart, maar het gepieker erover. Zowel voordat er iets stressvols gebeurt als erna. Dat gepieker is zowel slecht voor het hart-en vaatsysteem, als voor het hormonaal systeem. Daardoor ontstaan klachten en ziekten.

De tweede verklaring voor het voortduren van de stressrespons is het ‘onbewust piekeren’ dat ook doorgaat als je slaapt. Het leidt tot verhoogde hartactiviteit overdag en ’s nachts. Als je overdag stopt met piekeren, houd je nog twee uur daarna een verhoogde hartactiviteit.

De derde verklaring ontleent Brosschot aan onderzoek naar de gevolgen van eenzaamheid. Eenzaamheid leidt tot eenzelfde stressrespons als stressvolle gebeurtenissen. En net als langdurige stress geeft eenzaamheid een sterk verhoogde kans op ziekte en eerder overlijden.

Tekort aan liefde

Het tekort aan liefde dat eenzame mensen ervaren zou hier de verklaring voor kunnen zijn. Zou gebrek aan liefde ook verklaren dat je stress langer vasthoudt, vraagt Brosschot zich af. En zou het dan misschien niet beter zijn om in geval van stress over het ontbreken van een gevoel van veiligheid te spreken, in plaats van het ontbreken van liefde?

Deze speculatieve gedachtegang van Brosschot leidt, verrassend genoeg, tot een opvatting over stress die je ook in andere moderne studies terugvindt, namelijk dat de mate van hechting – je ergens gewaardeerd en thuis voelen – bepalend is voor de stress die je aankunt.

Brosschot veronderstelt dat de mens van nature bang is voor het onbekende en daarom standaard de stressrespons heeft aanstaan. Naarmate je signalen herkent die erop wijzen dat het veilig is, zal je stresssysteem ontspannen. Volgens deze opvatting voel je je niet zozeer gestrest door wat zich voordoet, maar door de mate waarin je je veilig voelt.

Als dat gevoel van veiligheid er is, onderdrukt de prefrontale cortex de amygdala, het angstcentrum in ons brein. Zodra er gevaar dreigt, gaat de rem er vanaf en staat het alarm volledig aan.

Veiligheid

Voor het aanpakken van stress betekent dit dat je niet zozeer stresssituaties moet zien te vermijden, maar dat je beter op zoek kunt gaan naar de voorwaarden voor een gevoel van veiligheid. Dat betekent allereerst dat je moet zorgen dat je je fit voelt. Als je niet lekker in je vel zit, staat je lichaam sneller in de angstmodus omdat je vecht-vluchtrespons dan minder werkt.

Organisaties doen er dan ook goed aan om een vitaliteitsbeleid te ontwikkelen. Daarnaast kunnen ze eraan werken dat werknemers zich sociaal en emotioneel veilig voelen op het werk.

Dat houdt in dat werknemers zich gerespecteerd voelen, vriendschappelijk met elkaar omgaan, en het gevoel hebben een zinvolle bijdrage aan de organisatie te leveren. Dat zijn op zich geen nieuwe geluiden, maar voor het ontwikkelen van een antistressbeleid zie je nog te vaak dat er alleen wordt gekeken naar het beperken van stressvolle gebeurtenissen (werkdruk verminderen, meer pauzes, minder e-mailverkeer …), in plaats van te werken aan vitaliteit en psychische veiligheid.

 

7 reacties. Reactie plaatsen

  • Klinkt als een kloppende bus

    Beantwoorden
  • Ik denk dat je het bij het rechte eind hebt.Maar als je alleen leeft,hoe verander je die situatie,of accepteer je het.

    Beantwoorden
    • Dank voor je reactie Jos. Dat geeft mij de kans het beter uit te leggen. Jos Brosschot kwam weliswaar op het idee voor het belang van hechting bij stress door de studies over eenzame mensen, maar dat betekent niet dat eenzame mensen, of mensen zonder een relatie, geen gevoel van hechting kunnen ervaren. Het gaat Brosschot vooral om het belang van dat gevoel van veiligheid. Dat kan iedereen, los van de persoonlijke situatie, wel of niet ervaren op het werk. Mijn punt is dat iedereen zelf wat kan doen aan dat gevoel van veiligheid, maar dat het ook een verantwoordelijkheid is voor de organisatie om ervoor te zorgen dat werknemers zich (emotioneel) veilig kunnen voelen. Bijvoorbeeld door het geven van eerlijke en opbouwende feedback.

      Beantwoorden
  • Je kunt ook eenzaam zijn binnen een relatie. Ik zit in een traject om mijn verleden een plek te gaan geven en begrijp nu ook waarom ik mij eenzaam voel binnen mijn relatie. Dit heeft alles met mijn verleden en binden/hechten te maken. Ik kan steeds beter binden (buitenshuis) maar leef met een echtgenoot die ook geen binding/hechting maakt door opvoeding. Hij is geen slecht mens, ver van dat. Ik ben aan het vechten voor onze relatie en hoop mij ooit minder eenzaam te voelen binnen onze relatie.

    Beantwoorden
  • wat een mooi onderzoek. Ik denk dat wij daarom als haptotherapeuten zo’n waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de begeleiding van mensen met stress en burnout. Juist de lichamelijke, maar vooral affectieve benadering ondersteunt het proces naar het aangaan van contact in plaats van de modus van de overlevingsstand.

    Beantwoorden
  • Jolanda van der Linden
    8 september 2017 13:28

    Elma, ik ben het volledig met je eens. Haptonomische begeleiding in de vorm van therapie of coaching gaat zeker een positieve bijdrage leveren. Wat goed dat de wetenschap dit systeem van affectiviteit, veiligheid en stresshantering nu ook onderkent.

    Beantwoorden
  • Ester Hellingman
    18 oktober 2017 11:35

    Eindelijk een wat bredere kijk op stress op het werk en waar dit door bepaald kan worden. Interessant om te lezen dat de mate van je ergens thuis en gewaardeerd voelen en/of hechtingsrelaties kunnen aangaan bepalend is voor de mate, waarin je stress aankunt. Bedankt voor de bijdrage Carien.

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fill out this field
Fill out this field
Geef een geldig e-mailadres op.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Menu