omgaan met rsi
veel geluk
burnout
whiplash
in dertig dagen...
sabbatical
achtergronden
laatste nieuws
 

 

 

De vrouwen van rijke mannen hebben geen onverdeeld goede naam.

Milou van Rossum, Volkskrantmagazine, 8 mei 2004

Er is een niet denkbeeldige kans dat u denkt aan verwende blondines, die hun dagen vullen met niets anders dan fitnessen, het bezoeken van de plastisch chirurg, en, zoals Judith Osborn het uitdrukt, 'het op een neer lopen van de PC Hooftstraat.' Aan naïeve fotomodellen, die zich met diamanten en boten laten inpakken door veel oudere mannen, om vervolgens zonder mededogen te worden ingeruild voor een nog jonger en mooier exemplaar. Of misschien zelfs wel aan nietsontziende types als de Texaanse Anna Nicole Smith, een voormalige stripper die op haar 27ste trouwde met de 89-jarige miljardair Howard J. Marshall daar, ondanks een rechtszaak van de familieleden van de miljardair, een kapitaal aan overhield. Nog erger zijn de vrouwen die openlijk toegeven een rijke man te willen, maar die het niet lukt. Zoals de Nederlandse vrouwen die een paar jaar geleden op tv met elkaar in de strijd gingen om een Belgische miljonair die niet alleen geen miljonair bleek te zijn, maar ook niet eens op vrouwen bleek te vallen.

Mocht onverhoopt dan toch een steekje van jaloezie opsteken, dan kunnen de vrouwen-van nog altijd worden afgedaan als vrouwen aan wie de voldoening en trots van een modern, zelfstandig bestaan geheel voorbij zijn gegaan.

Maar in ieder geval in twee opzichten staan die vrouwen minder ver van de gemiddelde Nederlandse vrouw af dan we vaak zouden willen denken.

'We hebben snel ons oordeel klaar over vrouwen die met een rijke man zijn getrouwd', zegt Carien Karsten, psychotherapeut, jurist en auteur van boeken over geld en koopverslaving. 'Maar zelfs als we er al vanuit gaan dat een vrouw een rijke man aan de haak slaat voor het geld: zijn alle andere redenen om een relatie aan te gaan dan wel zo nobel? Bestrijden van de eenzaamheid, snel een kind willen, of gewoon omdat het zo hoort. Lang niet iedereen trouwt uit liefde.'

En laten we wel wezen: hoe zelfstandig zijn de meeste Nederlandse vrouwen nu eigenlijk? Er is geen westers land waar zo weinig vrouwen op eigen benen staan als Nederland. Nederlandse vrouwen werken wel, maar parttime, en zijn zelden kostwinner. Karsten: 'Laatst gaf ik een lezing voor vrouwelijke ondernemers. Tachtig procent ervan was afhankelijk van hun man. Vrouwen in Nederland vinden het vreselijk als je zegt: "Je winkel is je hobby", maar ze hebben hartstikke weinig ambitie. Surinaamse vrouwen wordt geleerd om zichzelf te zorgen, maar het zit nog heel erg in onze cultuur verankerd dat er door mannen voor vrouwen wordt gezorgd. Niet alleen vrouwen die met een rijke man trouwen, maar bijna alle Nederlandse vrouwen kiezen voor veiligheid.'

Daarbij; het valt niet mee om een echt rijke man te strikken. En het valt ook helemaal niet mee om er getrouwd mee te zijn. 'Als geld al niet erotiseert, dan doet de macht het wel die daar bijna altijd mee samengaat. Dus vrouwen die een rijke man weten te krijgen, zegt Carien Karsten, 'moeten veel concurrentie verslaan en vooral voor blijven. Dat vereist een hoop raffinement en inspanning. Pleasen, altijd maar klaarstaan, altijd maar met die man bezig zijn. Sommige vrouwen raken helemaal uitgeput van zo'n relatie.'

'Een rijke, succesvolle man', bevestigt Judith Osborn (37) , die sinds dertien jaar het leven deelt met de 23 jaar oudere, van oorsprong Britse vismiljonair Robert Osborn, 'is hard werken. Ik heb mijn handen vol aan die man. Ik had het er laatst nog over met een vriendin. "Wat zijn ze bewerkelijk, hè," zeiden we tegen elkaar. Een eigen bedrijf maakt mannen egocentrisch- ze zijn niet voor niets succesvol. Als ie de deur uitgaat, gaat ie de deur uit. Al donder ik bij wijze van spreken de trap af, hij gaat. En als ik ziek ben, vindt ie dat alleen maar lastig. Als hij me dan belt, is het niet om te vragen hoe het met me gaat, maar om te checken of het me nog gelukt is een tafel voor hem en zijn zakenrelaties te reserveren. Een kind, dat zou er ik niet bij kunnen hebben."

Yves Gijrath, hoofdredacteur van Miljonair en in die hoedanigheid naar eigen zeggen kind aan huis bij bemiddeld Nederland, heeft een uitgebreide theorie over de ideale vrouw van een rijke man, waaronder hij doelt op mannen met oud geld en 'hardwerkende ondernemers die in vijftien jaar met veel energie een zaak hebben opgebouwd'. 'De fast earner, waarbij geluk belangrijker is dan talent, gaat vaak alleen voor het uiterlijk.'

Voor de andere twee categorieën gelden andere eisen. Gijrath: 'Je hoeft geen lekker stuk te zijn. Als het uiterlijk een doorslaggevende factor is, gaat het vaak snel weer mis. Vrouwen die alleen maar shoppen redden het ook niet. Wat heel belangrijk is representativiteit. Positief ingesteld zijn, de juiste kleren hebben, weten welk bestek je moet gebruiken, niet teveel drinken, geen verkeerde dingen zeggen in gezelschap. Etiquette is belangrijk voor een man; hij wil niet dat een vrouw een storende factor is. En ze moeten hun plaats tegenover hun man kennen. Als een vrouw zelf interviews gaat geven en zo, kunnen sommige mannen doodongelukkig worden. Zo'n man dacht ie met een lieve vrouw was getrouwd en nu wil ze dan zelf de hele tijd in de belangstelling staan.

'Wat je vooral ook nodig hebt is incasseringsvermogen en begrip. Je staat op een hoog podium, iedereen wil wat van je weten en van je hebben. En zo'n man is er vaak niet, belt op het laatste moment af voor het eten, en als ie er wel is kun je je frustratie ook niet bij hem kwijt, omdat hij ook thuis moet werken.

'Waar je ook tegen moet kunnen: andere vrouwen. Die horen er toch een beetje bij, en ze zijn handtastelijk. Golddiggers hebben geen geweten. Succesvolle mannen zijn bovendien vaak mannen die gewend zijn initiatief te nemen en charmant te zijn, en ze zitten vaak in het buitenland, dus je zult vertrouwen moeten hebben en misschien af en toe een oogje dichtknijpen.'

Wat Gijrath verder nog is opgevallen: 'De meeste succesvolle mannen blijven niet bij hun eerste vrouw. Instappen bij het tweede huwelijk is beter.'

Dat geldt niet voor Aad Ouborg: de 44-jarige, in de Quyote 500 opgenomen eigenaar van Princess (producent huishoudelijke apparaten en tegenwoordig ook een muzieklabel) en handelaar in onroerend goed is al bijna 20 jaar bij zijn even oude Dorien. Slank, blond, aantrekkelijk, sportief en zoals Gijrath met bewondering zegt 'helemaal met haar kinderen op de achtergrond gebleven'.

Dorien Ouborg studeerde tandheelkunde toen ze de beginnende ondernemer, die toen inmiddels al gestopt was met zijn opleiding tot fysiotherapeut, tegenkwam op de hockeyclub in Utrecht. Ze trouwden snel, en kregen vijf kinderen. En terwijl hij zijn bedrijf opbouwde, werkte zij een dag per week in een tandartspraktijk voor kinderen, voedde ze de kinderen op (die nu tussen de negen en zeventien jaar oud zijn) en stond ze haar man bij. 'Ik ben heel traditioneel, en best bereid me te schikken. Er is geen ambitieuze carrièrevrouw aan mij verloren gegaan', vertelt ze in haar net in warme grijstinten gerenoveerde Brabantse villa. 'Het grootste gedeelte van de tijd leid ik het leven van iedere andere moeder van een groot gezin, maar dan met meer luxe. Ik denk dat Aad ook niet zou willen dat ik veel ging werken. Hij reist veel, en wordt in die hotels ontzettend verwend, en dat vindt hij thuis ook prettig. Hij weigert bijvoorbeeld zijn eigen stropdassen te strikken.'

Ouborg maakte zijn merk groot door netwerken. Sinds hij, toen hij nog voor Babyliss werkte, Patricia Paay zover kreeg zijn wafeltang te promoten, heeft hij een indrukwekkend aantal bekende Nederlanders en Belgen aan zich weten te binden, voor wie hij onder het motto 'ondernemen is entertainen' regelmatig feestjes en geheel verzorgde reisjes organiseert; een aantal zoekt hem ook geregeld op in zijn eigen huis in Zuid-Frankrijk.

'Soms belt Aad om vier uur op: zorg dat je straks klaar staat, want we gaan daar-en-daar heen. Dan moet ik het maar zien te regelen met de kinderen. "Niet zeuren, gewoon meegaan."' Morgen gaat Dorien Ouborg mee naar de presentatie van de nieuwe cd van Lee Towers, de dag erna is er een feestje van Pieter van Vollenhoven. 'Maar goed, als ik Aad nog eens wil zien, dan zal ik wel moeten. Vaak is het ook gezellig en ik vind het ook niet erg om een beetje te babbelen; ik vind het alleen lastig dat ik er steeds netjes moet uitzien. Ik houd niet erg van kleren kopen.' Als Ouborg zelf geen tijd heeft, stuurt hij haar ook wel eens in zijn plaats, samen met een van zijn vier zussen, allemaal actief in de zaak. Een modeshow bijvoorbeeld, maar ook de presentatie van het boek van Hillary Clinton, 'daar zat ik opeens tussen Pieper en Vermeend, ik durfde niets te zeggen'. Dorien Ouborg: 'Ik word overal voorgesteld als Dorien Ouborg van Princess. Soms is dat raar; ik ben in feite helemaal niet van Princess. Maar ja, het interesseert natuurlijk niemand dat ik eigenlijk tandarts ben.'

Judith Osborn kwam haar twee keer eerder getrouwde man tegen tijdens een tentoonstelling in een galerie die ze had georganiseerd, iets waar ze mee begonnen was nadat ze haar opleiding aan de kunstacademie had afgebroken. Hij kocht een schilderij van haar (het hangt nog steeds op de gang van hun Amsterdamse grachtenpand) en zei: 'Morgen kom je ik je om acht uur ophalen.'

Wat hem meteen voor haar innam: 'Ik kreeg niet eens de kans om nee te zeggen. Met dit soort mannen is het: ze willen iets en dan gebeurt het ook. Hij had ook geen enkele moeite om te zeggen: "Ik hou van jou." Voor mij was dat heel aantrekkelijk. Veel mannen zijn van die twijfelaars; eindelijk had ik iemand die me aankon.' Al keek de buitenwereld daar een beetje anders tegenaan.

'In restaurants zagen ze me als gezelschapsdame, het vrouwtje van de avond waar je geen aandacht aan hoefde te besteden. Door de bediening werd ik volledig genegeerd. Of ze zeiden bij de stomerij: 'Zal ik op de achterkant van de bon schrijven wat je teruggekregen hebt?' Dachten ze dat ik de huishoudster was. En natuurlijk altijd die vrouwen die mij heel kort groeten en hem bijna om de nek vliegen. Maar ach, ik heb me er nooit zoveel van aangetrokken.' Echt boos werd ze alleen die keer bij de garage. 'Ik had van Robert een BMW Cabrio gekregen, en die moest weg voor een beurt. Toen ik vroeg of ze een taxi voor me wilden bellen was het van: "Heeft meneer Osborn je nog geen telefoon gegeven?" Ik was natuurlijk pas een grietje van 25, maar wel een klant. Nou, dat werd dus geen tweede BMW daar.'

Het schept soms afstand, geld. 'Mensen kunnen je echt laten voelen dat je bij een andere wereld hoort', zegt Judith Osborn. 'Als het over verzekeringen of boetes gaat, mag ik nooit meepraten, want daar snap ik toch niets van, of daar heb ik toch geen last van.'

Niet dat het niet prettig is om het te hebben. 'Als je eenmaal een ijskast gewend bent, wil je niet meer zonder', is de filosofie van Osborn, die naar de afspraak in het grand- café is gebracht door een privé-chauffeur. 'Maar over kleren kopen ben ik inmiddels wel heen.'

Osborn, blond, bruin en tenger, en met in het bezit van een paar enorme bruine ogen en een meisjesachtige giechel, lijkt zich te hebben te aangekleed om haar punt te maken. Ze draagt een strak, felroze T-shirt, een korte broek (ze draagt altijd kort, haar man houdt daarvan) van H&M en een imitatie Chaneljasje van Zara. Haar tas is van Gucci en haar hooggehakte sandalen zijn van Miu Miu, maar die zijn allebei al een paar jaar oud.

'In het begin was winkelen natuurlijk wel een aparte ervaring', geeft ze toe. 'Ik kom uit een doorsnee gezin. Robert hield niet van de zwarte kleren die ik droeg toen ik hem leerde kennen, dus hij nam me mee naar John & Vera Hartman in de PC Hooftstraat. Ik was een paar dingen aan het passen en opeens zei hij: "We nemen het allemaal." Ik wist niet wat me overkwam. Maar een tijdje geleden dacht ik opeens: "Oh, God, we zijn aan het verzamelen geslagen." Ik ben gaan minderen en heb gemerkt dat je niks mist als je eens een seizoen overslaat. Aan een nieuw tasje van Chanel zit in feite weinig nieuws. Alleen als ik iets zie dat ik echt mooi vind, koop ik het, maar ik maak me niet zo druk meer om spullen. Ik ben maar zelden op de PC Hooftstraat. Trouwens, de Cornelis Schuyt is veel leuker.'

Het roze T-shirt van Judith Osborn heeft een tekst: Cash Cow, ('Zelfspot is mijn wapen') en het komt uit haar eigen collectie, Judith Osborn Orginals, sinds anderhalf jaar te koop via haar website.

'Ja inderdaad, ik ben zo'n vrouwtje dat ook zo nodig moet', zegt ze. 'Nou èn? Waarom mag een ander wel en ik niet? Ik ga hier niet zitten klagen, dat zou belachelijk zijn, maar soms is het echt een nadeel als je met een rijke man bent getrouwd.'

Regelmatig duikt ze ook op in glamourtijdschriften als AM Magazine en Beau Monde; in dat laatste blad heeft ze sinds kort ook een column. In de meest recente beschrijft ze hoe haar man haar steevast een half uur laat wachten in restaurants.

Natuurlijk, een groot gedeelte van haar tijd is ze nog altijd 'een verlengstuk'. 'Op mijn manier ben ik best representatief. Ik ga vaak mee uit eten, dat hoort erbij. Robert doet veel zaken met Japan, dus ik doe ook regelmatig een dagje Nederland met de vrouwen van Japanse relaties. Madurodam, een kaasschaaf kopen, lunchen, Panorama Mesdag laten zien -vinden ze allemaal geweldig. Ik kan heel goed entertainen. Daarom heeft hij mij ook; hij kan het niet.'

Haar eerste eigen professionele project was couturier Paul Schulten, de opvolger van Edgar Vos. 'Mijn man en ik hebben hem gesteund toen hij net voor zichzelf begon, en ik ben nog een tijdje gebleven. Maar hij baalde dat ik meer aandacht kreeg dan hij, dus ik mocht alleen blijven als ik me meer op de achtergrond hield en langere rokken ging dragen.' Haar laatste bijdrage waren T-shirts voor de finale van zijn zomershow voor zomer 2002. Daar werd zo goed op gereageerd, dat ze, gesteund door haar man ('Hij is heel realistisch. Hij zegt: "Jij bent veel jonger, jij moet verder kunnen."), besloot tot een eigen label. Binnenkort worden er ook korte rokjes aan de collectie toegevoegd. 'Ik zal er nooit van kunnen leven, maar het is heel belangrijk voor me om ook zelf iets te hebben, dat is goed voor mijn eigenwaarde. Je houdt het niet vol om alleen maar achter zo'n man aan te lopen.'

'Ik denk dat ik ook zo lang "de vrouw van" ben geweest dat ik de laatste tijd onbewust bezig ben de rollen om te draaien. Tegenwoordig vraagt Robert wel eens iets aan mij en dan zeg ik: "Sorry, eerst even mijn eigen ding afmaken." "Nou nou," zegt hij dan, "we zijn wel erg met onszelf bezig he?"'

Kader: Koopverslaving & pensioen

Een van de gevaren die op de loer liggen in een huwelijk met een rijke man, is koopverslaving- en niet eens zozeer uit verveling. 'Kopen', zegt psychotherapeut en jurist Carien Karsten, 'en vooral het kopen van zogenaamd nutteloze dingen als kleren en schoenen, kan een een manier zijn om wraak te nemen op een man die het geld heeft, en het daarom dus voor het zeggen heeft in een relatie. Je kunt hem niet aan, maar zijn creditcard wel. Bovendien is het een mooie manier om de aandacht te verplaatsen. Als je geen aandacht van je man krijgt, kun je zo goede relaties opbouwen met het personeel van winkels, want die hebben wel belangstelling voor je.'

Tussen de vrouwen die Carien Karsten heeft behandeld voor koopverslaving -het zijn bijna altijd vrouwen die ermee kampen- zaten vrouwen die met een rijke man getrouwd waren geweest. Toen viel hun gedrag niet op, maar na hun scheiding waren ze in de problemen gekomen omdat hun inkomen enorm was teruggelopen, en ze hun uitgavenpatroon niet hadden gewijzigd.

'Een rijke man is ook een financieel slimme man', zegt Karsten. 'Die kan alles op het juiste moment hebben weggesluisd naar het buitenland, zodat hij op papier niets meer heeft. En omdat zo'n vrouw tijdens haar huwelijk geen baan heeft gehad en geen opleiding heeft gevolgd, kan ze dan alleen nog maar als verkoopster aan de slag in de winkels waar ze ooit zelf kocht.'

Een huwelijk met een traditioneel ingestelde ondernemer is een baan, vindt Carien Karsten. 'Dus zorg dan ook dat, voor het geval het misgaat, je je oude dag veilig stelt. Vertaal het huishouden naar geld, de opvoeding van de kinderen, al die keren dat je 's avonds klaar moet staan voor zakenrelaties. Vroeger zetten vrouwen ook slinks geld opzij. Wie eerlijk is over het feit dat ze geld belangrijk vindt, zorgt dat ze tijdens een huwelijk een eigen vermogen opbouwt.'