Bloeduitslag en burnout.
Vraag: Sinds 6 weken zit ik thuis
met allerlei klachten die bij burn out horen. Ook heb ik mijn
bloed laten onderzoeken waaruit bleek
dat mijn leverfunctiewaarden en bloedbezinking te hoog zijn.
In het ziekenhuis in Amsterdam heeft men opnieuw mijn bloed afgenomen.
Nu zit ik dus thuis in afwachting van het onderzoek. Over drie
weken krijg ik de uitslag.
Is het nu verstandig om cursussen of therapieen te gaan doen die
mijn burnout elimineren en helpen weer aan het werk te gaan, of
zijn deze zinloos als blijkt dat mijn psychische klachten voortkomen
uit lichamelijke gebreken, die misschien zijn ontstaan door stress.
(vicieuze cirkel)
Antwoord:
Er zijn in het algemeen twee redenen
waarom een bloedonderzoek wordt gedaan:
1. Je wilt een bepaalde ziekte aantonen
door naar een specifieke
bloeduitslag te kijken, zodat je kunt zeggen of iemand wel of
niet een bepaalde ziekte heeft. Bv. je denkt dat de patiënt
malaria heeft en vervolgens probeer je de malariaparasiet in het
bloed te vinden. Vind je die, dan behandel je de patiënt
en vind je hem niet dan besluit je dat de patiënt vermoedelijk
geen malaria heeft en ga je op zoek naar een andere ziekte of
wacht je af. Voor burnout bestaat geen bloedtest dus kom je bij
2.
2. Je doet algemeen oriënterend
bloedonderzoek om te zien of de patiënt iets mankeert, zonder
dat hiervoor bij de klachten en het lichamelijk onderzoek aanwijzingen
zijn. Je wilt als het ware door een scala bloedproeven aan te
vragen, aantonen dat je als arts terecht denkt dat de patiënt
niets lichamelijks mankeert. Hiervoor zijn de laboratoriumtesten
helaas niet gemaakt en artsen hebben nog steeds geen bloedtest
ontwikkeld om aan te tonen dat iemand gezond is. Sterker nog,
je kunt letterlijk op sterven na dood zijn en al je laboratoriumproeven
vallen merkwaardig genoeg normaal uit. Wanneer je nu zo'n batterij
aan bloedtesten aanvraagt, moet je er op rekenen dat zo'n 5% van
de uitslagen onverwacht afwijkend is. Wanneer de afwijking erg
groot is, dient onmiddellijk verder onderzoek plaats te vinden
en zal achteraf vaak een op dat moment klinisch nog niet zo duidelijke
ziekte, toch gevonden worden. Die ziekte hoeft overigens niet
de oorzaak te zijn van de klacht waarmee de patiënt kwam.
Wanneer de afwijking gering is wordt besloten om de bloedproeven
na enige tijd te herhalen omdat er een neiging is van "regressie
naar het gemiddelde" dwz. als de eerste test toevallig verhoogd
blijkt te zijn is die dat bij herhaling vaak niet.
Bovenstaand antwoord komt van kinderarts
Jaap Karsten. Het komt hierop neer dat als er geen duidelijk ziektebeeld
is, de kans groot is dat je lichamelijk niets mankeert, of in
inder geval niet aan een ziekte lijdt die door bloedonderzoek
is aan te tonen.
Het lijkt me dat niets je in de weg staat om de burnout aan te
pakken. En dat doe je door te beginnen met lichamelijk je conditie
te verbeteren, een programma te maken met iedere dag een goede
balans tussen inspanning en ontspanning. Als dat goed gaat, lijkt
het me een goed idee afspraken te maken over werkhervatting en
daarmee heel langzaam te beginnen, bijvoorbeeld met een uur per
dag. Wellicht kan de Arbodienst ondersteunen via een psycholoog
of kan de huisarts je doorverwijzen naar een eerstelijnspsycholoog.
Het is in ieder geval prettig wanneer iemand de reïntegratie
op deskundige manier begeleidt.
 |