Voorbij de schvoorwoordaamte (voorwoord)

Op tweede kerstdag 2015 gebeurde het. Ik was al een paar dagen moe en prikkelbaar, voelde me misselijk en ging vroeg naar bed. Midden in de nacht werd ik in blinde paniek wakker, oversp
oeld door een heftig, maar diffuus gevoel dat het afgelopen was met mij. Na bijna tien jaar van relatieve rust, was de angst teruggekomen, als een dief in de nacht. En zo snel als ie was gekomen, zo langzaam zou die weer wegebben. Omdat ik eerder angstige periodes had doorgemaakt, wist ik meteen dat het foute boel was, maar ik wist ook wat mij te doen stond. Ik meldde me ziek op het werk, maakte een afspraak met de huisarts voor medicatie, en met Carien Karsten voor psychologische ondersteuning.

In afwachting van mijn afspraak met Carien probeerde ik mijn dagen zo goed mogelijk door te komen. Hoewel ik het liefst met een deken over mijn hoofd in bed wilde blijven liggen, probeerde ik elke dag bij tijds op te staan, schilderde de kozijnen, deuren en plinten van mijn werkkamer, en ging om de dag naar het zwembad. De dagen dat ik niet zwom, wandelde ik minstens een uur, weer of geen weer. En ik probeerde de angsten zo goed en zo kwaad als dat ging te doorstaan, want uit ervaring wist ik dat ze alleen maar erger worden als je ertegen vecht.

‘Je weet dat het weer over gaat’, hield Carien me tijdens onze eerste afspraak voor, iets wat ik al die maanden in mijn achterhoofd heb gehouden. Wat ook hielp, was dat ze goed uitlegde wat er aan de hand was, niet alleen mentaal – dat wist ik onderhand wel – maar ook fysiek, met mijn brein, hormonen en zenuwen. Diezelfde heldere uitleg over de mentale en fysieke kant van angst geeft ze ook in Uit je angst, in je kracht.

Haar toelichting motiveerde mij om door te gaan met sporten, voorlopig geen druppel alcohol te drinken en ademhalingsoefeningen te doen. Ook al waren mijn angsten tijdelijk niet voor – mijn eigen – rede vatbaar, ik kon in ieder geval zorgen dat mijn conditie op peil bleef en zo tegenwicht bieden aan het gespook in mijn bovenkamer.

Ik ging ook elke avond drie dingen opschrijven die die dag goed waren gegaan. Eerst hield ik daarmee al te sombere gevoelens in bedwang, later ging ik me hier daadwerkelijk sterker door voelen. Deze en nog veel meer praktische tips staan uitgebreid in dit boek beschreven.

Maar uiteindelijk heeft acceptatie van de narigheid mij de afgelopen maanden nog het meest geholpen. Geen acceptatie in de zin van bij de pakken neerzitten. Wel het besef dat ik niet om die angsten heb gevraagd, maar ze mij nu eenmaal periodiek komen lastigvallen.Die geest van acceptatie ademt ook dit boek uit: met respect en genegenheid schrijft Carien over haar angstige cliënten, bij herhaling moedigt ze de lezers aan zichzelf niet te veroordelen om hun angsten, en de niet-angstigen onder ons roept ze op tot meer begrip voor hun angstige soortgenoten.

Terugkijkend op de angstige periodes in mijn leven waar ik telkens weer ben uit gekrabbeld, besef ik dat het vooral een kwestie van doorzetten is geweest. Ik was dan ook blij verrast toen ik in dit boek het hoofdstuk over moed (6.4. ‘Durven’) las; nooit eerder heb ik in een psychologieboek deze klassieke deugd als tegenwicht voor angst beschreven gezien. Zoals Carien het zo mooi uitlegt, lukt het uiteindelijk ook je grenzen te verleggen, als je stap voor stap je angsten leert tackelen. Zijzelf nam onlangs haar forse weerzin tegen surfen onder de loep en stapte ten slotte als een jongedame – maar met beleid –  op een surfplank. En zelf durf ik voor het eerst na al die jaren voor mijn angst uit te komen. Toen Carien mij vroeg om het voorwoord voor dit boek te schrijven, kon ik volmondig ja zeggen. Ik ben de schaamte voorbij. Hopelijk heeft Uit je angst, in je kracht dezelfde uitwerking op zoveel mogelijk lezers.

Regine Dugardyn, Socrates & co

voormalig uitgever Ten Have

Menu